Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
infopagina

Belastingaangifte predikant

Predikanten regelen hun eigen fiscale zaken. Deze pagina zet op een rij hoe het traktement fiscaal wordt behandeld, welke kosten aftrekbaar zijn en wat de ambtswoning betekent voor de aangifte. De volledige en actuele uitleg staat in de Gids arbeidsvoorwaarden predikanten.

Het traktement wordt bruto uitbetaald, dus de predikant betaalt zelf inkomstenbelasting. Het traktement geldt als resultaat uit overige werkzaamheden; de werkelijke kosten van het werk zijn aftrekbaar.

Gids arbeidsvoorwaarden: predikant en fiscus

Fiscale positie van het traktement

Voor de Belastingdienst is de predikant een pseudo-ondernemer: iemand die geen werknemer is en ook geen ondernemer. Het traktement is daarom geen loon uit dienstbetrekking, zodat er geen loonheffing wordt ingehouden. Het is evenmin winst uit onderneming, dus de predikant rekent geen omzetbelasting (btw). Fiscaal is het traktement resultaat uit overige werkzaamheden, dat de predikant zelf aangeeft bij de Belastingdienst.

Voorlopige aanslag aanvragen

Omdat er geen loonheffing wordt ingehouden, betaalt de predikant de inkomstenbelasting en premies zelf. Een beginnend predikant kan daarvoor een voorlopige aanslag aanvragen bij de Belastingdienst. De belasting wordt dan in maandelijkse termijnen betaald. Na afloop van het jaar volgt de definitieve aangifte, waarmee de voorlopige aanslag wordt verrekend.

Vraag de voorlopige aanslag elk jaar aan het begin van het jaar aan, of pas hem aan als het inkomen verandert. Zo blijft een grote naheffing achteraf uit.

Belastingdienst: waarom een voorlopige aanslag aanvragen

Aftrekbare kosten voor de predikant

De predikant geeft alle inkomsten uit het werk aan, ook de onkostenvergoedingen van de gemeente. Daartegenover staan de kosten die de predikant maakt om het traktement te verwerven. Die zijn aftrekbaar als de predikant ze met bewijsstukken kan aantonen. Voorbeelden zijn de ingehouden pensioenpremie, de kosten voor de werkkamer, bureaubenodigdheden, telefoon, internet en reiskosten.

Welke vergoedingen de predikant van de gemeente ontvangt en hoe die worden gedeclareerd, staat op de pagina over declaraties.

Declaraties en vergoedingen predikant

Ambtswoning en belasting

Woont de predikant in een ambtswoning, dan telt het woongenot mee als inkomen: een vast percentage van de WOZ-waarde van de woning. De woonbijdrage die de predikant aan de gemeente betaalt, is aftrekbaar. Onder de regeling die sinds 1 januari 2019 geldt, levert de ambtswoning daardoor geen extra belasting op. Bij een lage WOZ-waarde kan er per saldo zelfs een aftrekpost overblijven.

Pastorie en ambtswoning

Opting-in-regeling: belasting via de loonheffing

In een beperkt aantal gevallen kan de predikant kiezen voor de opting-in-regeling. De predikant wordt dan voor de belasting behandeld als pseudowerknemer en de beheercommissie centrale kas predikantstraktementen houdt loonheffing in. Werkelijke kosten zijn in dat geval niet meer aftrekbaar. Woont de predikant in een ambtswoning, dan telt het woongenot mee als percentage van het eigen inkomen op fulltime basis. De woonbijdrage blijft aftrekbaar.

De predikant heeft hiervoor instemming nodig van de gemeente en van de beheercommissie, en vraagt de regeling daarna aan bij de Belastingdienst. De beheercommissie stemt alleen in als de predikant er aantoonbaar en blijvend financieel op vooruitgaat. Dat is meestal het geval als de WOZ-waarde van de ambtswoning boven de grens ligt die in artikel 12 van de actuele uitvoeringsbepalingen staat. Opting-in kan ook als de predikant gebruikmaakt van de 30%-regeling voor werknemers uit het buitenland.

Actuele uitvoeringsbepalingen

Advies over de belastingaangifte van predikanten

Voor persoonlijk belastingadvies kan de predikant terecht bij de Belastingdienst, de Bond van Nederlandse Predikanten of een eigen belastingadviseur. De bond geeft elk jaar een toelichting op de aangifte in het blad Predikant en Samenleving.

Bond van Nederlandse Predikanten