Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud

Hoe denken leden van de Protestantse Kerk over de doop?

Als je aan leden van de Protestantse Kerk vraagt welke woorden en beschrijvingen ze verbinden aan de doop, dan zijn dit de drie meest gekozen antwoorden: ‘Kind van God zijn’ (51%), Verbond (41%) en ‘Een zegen meegeven over het leven’ (39%). Dat blijkt uit onderzoek onder belijdende leden van de Protestantse Kerk.

De resultaten van het onderzoek worden door dr. mr. Klaas-Willem de Jong van de Protestantse Theologische Universiteit gebruikt als ingrediënten voor het boekje dat hij schrijft over dit sacrament. Het boekje is eind van dit jaar gereed, maar op 25 februari geeft hij alvast een online college Pijl naar beneden over zijn inzichten tot nu toe. 

Klaas-Willem de Jong: “Voor mij is het ‘met Christus sterven, begraven worden en opstaan’, naar Romeinen 6, het vertrekpunt van de doop. Ik vind het dus opvallend dat slechts 27% voor deze beschrijving kiest. Interessant om dit verder te verkennen.”

Doopdiensten

Er deden 1.124 mensen mee aan het onderzoek. Een meerderheid van de respondenten (62%) geeft aan graag bij doopdiensten aanwezig te zijn. Ze ervaren het als feestelijk en ontroerend, een moment van verbondenheid. Als hoopvol en bemoedigend. Of zoals van een van de respondenten zegt: “Een doopdienst ervaar ik als teken van hoop, ook voor de kerk. De generatie van morgen wordt zichtbaar ingewijd. God toont Zijn trouw de generaties door.”

Op de vraag of er ook zaken zijn waar mensen zich aan storen tijdens doopdiensten is men terughoudend. Vaak wordt gereageerd in de trant van ‘wie ben ik om me te storen aan een doopdienst’. Als ze dan toch iets moeten noemen, dan stoort men zich vooral aan te nadrukkelijk aanwezige fotografen en aan doopdiensten waarbij de heiligheid van het sacrament uit het oog verloren wordt. 

Ook wordt af en toe voorzichtig een opmerking gemaakt over het gebrek aan betrokkenheid van de doopouders bij de gemeente. Eén respondent verwoordt het als volgt: “Ik stoor me niet aan zaken tijdens de doopdienst, wel voel ik me ongemakkelijk als mij als gemeentelid wordt gevraagd de ouders en het kind te helpen groeien in het geloof daar waar het kan, met name als je de ouders en het kind niet of weinig in de kerk ziet.”

In een kwart van de gemeenten van de Protestantse Kerk wordt trouwens zelden gedoopt. In 62% van de gemeenten wordt een paar keer per jaar gedoopt. In 1 op de 10 gemeenten maandelijks. 

Een meerderheid van de respondenten (67%) geeft aan dat hij/zij het het belangrijkste vindt dat de doop in het midden van de gemeente plaatsvindt. Daarna volgt voor 50-plussers ‘het persoonlijk belijden van de dopeling of de ouders van de dopeling (35%), en het uitspreken van de trinitarische doopformule (34%). 

Mensen onder de 50 zetten het uitspreken van deze formule op de tweede plaats (46%). Ze kiezen als derde voor ‘De handeling aan de dopeling met water (besprenkeling, begieting, onderdompeling)’ (44%). Dat het de predikant is die de doop bedient, vindt men minder belangrijk (slechts 17% vindt dit belangrijk). En de doopjurk vindt bijna niemand belangrijk. Slechts 1% geeft aan dat van belang te vinden.

Kinderdoop, volwassendoop of opdragen

Ruim een kwart (27%) van de respondenten geeft aan dat de stelling 'Kinderdoop en volwassendoop zijn geheel vrij te kiezen mogelijkheden' het dichtst bij hun overtuiging ligt. Een meerderheid (61%) neigt naar de stelling 'Kinderdoop is de regel. Volwassendoop is er voor wie als kind niet gedoopt is'. Met de stelling ‘Volwassendoop is regel. Daarnaast is alleen het zegenen of opdragen van kinderen mogelijk’ is slechts 12% het (enigszins) eens.

Opvallend is wel dat respondenten ouder dan 50 jaar iets meer de neiging hebben om ‘als ze nu een kind zouden krijgen’ te kiezen voor opdragen of zegenen. Dat zegt 9% van de 50-plussers tegenover 3% van de 50-minners. De mensen onder de 50 geven duidelijk de voorkeur aan dopen (88%).

Qua handeling heeft besprenkelen een sterke voorkeur boven gieten of onderdompelen. Toch kan het onderdompelen bij mensen onder de 50 jaar toch ook op aardig wat instemming rekenen, bij zowel kinderdoop (10%) als volwassendoop (29%). Alleen bij zuigelingen vindt men onderdompelen echt een minder geschikte handeling.

De meeste respondenten kijken dankbaar terug op het feit dat hun ouders hen hebben laten dopen (86%). Naarmate men ouder wordt, groeit het aantal mensen dat aangeeft liever zelf de keuze als volwassene te hebben gemaakt. Dat geeft 6% van de 60- en 70-plussers aan.

Klaas-Willem de Jong: “Het gaat natuurlijk niet alleen om interessante onderzoeksresultaten. Het is duidelijk dat we met het thema van de doop ons direct in het hart van de christelijke kerk begeven. De naam van de drie-enige God klinkt. De doop brengt ons bij Jezus, de redding die Hij heeft gebracht. De doop is zichtbaar, ooit ook ‘tastbaar evangelie’ genoemd.  Door de doop worden we onderdeel van de kerk. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar is het niet. Om die reden is een goede doordenking van dit thema van groot belang.”

Dit onderzoek is uitgezet onder het onderzoekspanel van de Protestantse Kerk. Duizenden mensen zijn hiervan lid. Zij ontvangen zo’n vijf keer per jaar een uitnodiging om mee te doen aan een onderzoek. Nieuwe leden zijn altijd welkom, maar in verband met een nog betere representativiteit van het panel worden vooral vrouwen en mensen onder de 40 jaar van harte uitgenodigd om zich hiervoor aan te melden

Fotograaf: Heiko Bertram

Was deze informatie zinvol?
We hebben uw feedback ontvangen, dankuwel!

Om deze pagina verder te verbeteren zijn wij benieuwd waarom u deze pagina wel of niet zinvol vond. U kunt ons helpen door de onderstaande vragen in te vullen.

Mogen we uw contactgegevens voor eventuele verdere vragen? (niet verplicht)