Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
infopagina

Verklaring van belijdenis en wandel

Bij een aantal aanvragen rond het predikantschap en de preekbevoegdheid vraagt de Protestantse Kerk om een verklaring van belijdenis en wandel. De kerkenraad van de eigen gemeente geeft die verklaring af. Op deze pagina staan de situaties waarin de verklaring nodig is en wat de kerkenraad verklaart. Voor scriba's is er een model.

De kerk houdt opzicht over de belijdenis en wandel van leden en van wie een dienst in de kerk vervult (kerkorde art. XII). Wie wil voorgaan in kerkdiensten of predikant wil worden, krijgt een openbare taak in de verkondiging. Daarom vraagt de kerk de kerkenraad, die de betrokkene van dichtbij kent, om te verklaren dat er wat de gemeente betreft geen bezwaar is.

Wanneer is een verklaring van belijdenis en wandel nodig?

De verklaring wordt gevraagd bij deze aanvragen:

Verklaring van belijdenis en wandel aanvragen bij de kerkenraad

De betrokkene vraagt de verklaring aan bij de scriba van de gemeente. Het helpt om erbij te vermelden voor welke aanvraag de verklaring nodig is. De kerkenraad bespreekt het verzoek en geeft de verklaring af. Preses en scriba ondertekenen namens de kerkenraad. De verklaring is bestemd voor de betrokkene, die hem zelf meestuurt met de aanvraag.

Wat staat er in de verklaring van belijdenis en wandel?

In de verklaring staan:

  • naam, adres, geboortedatum en geboorteplaats van de betrokkene;
  • de datum waarop en de gemeente waar de betrokkene openbare geloofsbelijdenis heeft afgelegd;
  • sinds wanneer de betrokkene belijdend lid is van de gemeente;
  • dat er geen middelen van kerkelijke tucht op de betrokkene van toepassing zijn;
  • voor welke aanvraag de verklaring is afgegeven;
  • de datum en de handtekeningen van preses en scriba.

Model verklaring van belijdenis en wandel (Word)

Wat is een verklaring van belijdenis en wandel?

De verklaring van belijdenis en wandel is een schriftelijke verklaring van de kerkenraad dat iemand belijdend lid is van de gemeente en dat er geen middelen van kerkelijke tucht op hem of haar van toepassing zijn. De verklaring komt van de kerkenraad van de gemeente waarvan de betrokkene de afgelopen twee jaar belijdend lid was.