Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
infopagina

Wanneer is er sprake van misbruik?

Wat is een pastorale relatie?

Een pastorale relatie is een relatie binnen de context van een kerkelijke gemeenschap. Meestal denken we daarbij aan een vertrouwensrelatie, een intensief contact tussen predikant en gemeentelid.

Er zijn veel meer situaties binnen de beroepsuitoefening of in het kader van kerkenwerk die vergelijkbaar zijn met een pastorale relatie, en waarin ook seksueel misbruik kan plaatsvinden. Daders van seksueel misbruik kunnen pastor, dominee, kerkelijk werker of priester zijn, maar ook lid van het plaatselijk kerkbestuur, ouderling, pastorale medewerker, diaken, jeugdwerker, catecheet, koster, organist of dirigent. Slachtoffers zijn vrouwen en mannen, volwassenen en kinderen.

Naast de term 'pastorale relatie' gebruikt SMPR daarom ook de term 'gezagsrelatie'. Het gaat in beide gevallen om gezagsdragers. Kenmerk van zo'n relatie is een verschil in positie. De gezagsdrager neemt een speciale plaats in binnen de gemeenschap en wordt als deskundige beschouwd. De predikant of pastor bezoekt mensen thuis uit hoofde van ambt of functie. De groepsleden kijken op naar de vrijwillige groepsleider. Het gemeente- of parochielid maakt zich kwetsbaar doordat zij/hij zich aan de pastor of een andere gezagsdrager toevertrouwt.

Dat verschil in positie is in principe vruchtbaar. Maar het brengt ook ongelijkheid met zich mee, waarin al snel sprake kan zijn van overwicht en macht bij de pastor of kerkelijk werker, en van afhankelijkheid bij het gemeente- of parochielid.

Voor de leesbaarheid noemt SMPR deze gezagsdragers hieronder allemaal 'pastor'.

Pastorale hulp die verandert

Een gemeentelid neemt de pastor in vertrouwen. Hij/zij wordt een steun en toeverlaat.

De grens van een gewoon pastoraal contact vervaagt dan geleidelijk. Er ontstaat een persoonlijke, intieme verhouding die in een professionele relatie niet thuishoort. De pastor maakt misbruik van zijn macht en van het vertrouwen van het gemeentelid. En dat kan niet.

Seksueel misbruik in een pastorale relatie

SMPR spreekt van seksueel misbruik in een pastorale relatie wanneer de pastor in de vertrouwensrelatie met het gemeente- of parochielid seksuele toespelingen maakt, seksuele handelingen pleegt of uitnodigt tot seksueel contact. De pastor maakt de pastorale relatie ondergeschikt aan het bevredigen van eigen lust, behoeften of machtsgevoel.

Door het verschil in positie ligt de verantwoordelijkheid voor het bewaken van de grenzen in het contact allereerst bij de pastor. Grensoverschrijding door een pastor is misbruik van een machtspositie.

Een term als 'overspel' doet hier niet ter zake. Overspel duidt slechts aan wat vanuit een bepaalde visie op het huwelijk geoorloofd is, zonder in te gaan op de pastorale context.

De pastor

Seksueel misbruik 'overkomt' de pastor niet zomaar. Er is bijna altijd sprake van een glijdende schaal, van fantaseren naar plannen maken naar handelen. Het begint meestal non-verbaal met blikken en gebaren, gevolgd door kleine overschrijdingen zoals het vertellen van persoonlijke dingen, het laten uitlopen van gesprekken en het uitwisselen van geschenken. Daarna volgen het verkleinen van de fysieke ruimte, aanrakingen, vragen naar het seksuele leven, fantaseren over seksuele gemeenschap en soms de gemeenschap zelf. Lees meer hierover op de pagina Dadermechanismen.

Deze omschrijving omvat ook situaties waarin het initiatief bij het gemeente- of parochielid lag. Ook wanneer iemand 'het zelf gewild heeft', is er sprake van misbruik. In een hulpverleningsrelatie is het namelijk heel begrijpelijk dat een hulpvrager verliefd wordt op de hulpverlener. Daarbij spelen allerlei mechanismen een rol. Een hulpvrager hoeft die mechanismen niet te kennen of te doorzien. Van de hulpverlener of pastor mag je dat wel verwachten. De persoon met de meeste macht moet ervoor waken dat er geen grenzen worden overschreden.

Seksualiseert het pastorale contact en gebruikt de pastor de relatie voor de eigen behoefte, dan verliest de pastor de professionele objectiviteit en daarmee het vermogen om een goede pastor voor de ander te zijn. Dat betekent het einde van de vertrouwensrelatie tussen pastor en gemeente- of parochielid. Het gevolg is dat het gemeentelid of de hulpvrager, in plaats van hulp, een extra probleem krijgt. Een probleem dat lastig en belastend is.

Het gemeente- of parochielid

Vaak hoor je: 'Het overkomt mij niet' en 'Daar ben je toch zelf bij'. Maar misbruik begint zo geleidelijk en ongemerkt dat het gemeente- of parochielid het vaak pas achteraf als zodanig herkent en erkent. Zij/hij bevindt zich in een kwetsbare situatie. Bij een hulpvraag maakt zij of hij zich bovendien afhankelijk van de aandacht en toewijding van de pastor, waarbij ook behoefte is aan warmte en geborgenheid.

Bij seksueel misbruik erkent de pleger die behoefte niet als normaal, of duidt hij die als een uitnodiging om de relatie te seksualiseren. Soms waren misbruikten al eerder slachtoffer van misbruik in een afhankelijkheidssituatie, bijvoorbeeld thuis of op school. De kans op herhaling is dan groter: zij/hij heeft eerder in het leven niet geleerd grenzen te stellen. Bovendien zoekt het gemeente- of parochielid ook een soort reparatie van wat in het verleden is gebeurd.

Het klimaat in de gemeente

Naast het aandeel van de pastor en het gemeente- of parochielid dragen ook andere factoren indirect bij aan het ontstaan van seksueel misbruik in een pastorale relatie. Deze factoren hebben te maken met het klimaat binnen een gemeente, de wijze waarop men met elkaar omgaat en gegroeide regels en gewoonten.

Hoe kijk je tegen de predikant aan, welke plaats geef je hem of haar, is het mogelijk nee te zeggen of kritiek te hebben? Hoe open is de communicatie? Is er uitwisseling in de kerkenraad over beleid, tijdsbesteding, wie bezocht worden? Is er sprake van een vriendschap tussen de predikanten en de vrijwilligers? Hoe is de beeldvorming over mannen en vrouwen, wat is het taalgebruik, is het gezinsdenken de norm?

Ook de professionaliteit van de pastor speelt mee, en hoe die omgaat met de risico's van het vak:

  • huisbezoek thuis
  • omgaan met nabijheid
  • onderscheid tussen privé en werk
  • afgrenzing van het pastorale contact
  • eigen onvervulde behoeften
  • eigen seksualiteit
  • spirituele voeding

Al deze zaken beïnvloeden het klimaat binnen een gemeente.

Seksueel misbruik tussen een pastor en een gemeentelid raakt de hele gemeente.

Schade

Uit bijna alle verhalen van vrouwen en mannen die een seksuele relatie met hun pastor hebben gehad, blijkt dat dit beschadigend was en soms traumatisch. Dat inzicht komt meestal niet meteen. In pastorale relaties waarin dit gebeurt, gebeuren meestal ook goede dingen. Het is moeilijk om afstand te nemen en te zien wat er nog meer gebeurt en wat uiteindelijk veel meer bepalend is.

Het kan geruime tijd duren eer mensen het woord 'misbruik' in de mond kunnen en durven nemen. Dat komt door de afhankelijkheid van het gemeente- of parochielid en de loyaliteit ten opzichte van de pastor. Zij/hij is geneigd het gebeurde te ontkennen of te verzachten, en gunt hem de plaats in de gemeente: het is zo'n goede pastor, de preken zijn zo goed. Tegelijk groeit het gevoel gebruikt en misbruikt te zijn, en wil zij/hij voorkomen dat het anderen ook overkomt.

Logo smpr

Bel of mail gerust. Ook als je nog niet weet wat je wilt, of hoe je het moet noemen wat er gebeurd is. Je hoeft niets te bewijzen en je hoeft nog nergens toe te besluiten. Vaak is een eerste gesprek precies dat: een gesprek.
> Contact met SMPR