Hij leest veel wat te maken heeft met de ontwikkeling van de tijdgeest. Herman Koetsveld (1959) voelt zich geroepen zich in heldere bewoordingen uit te spreken over wat er in de wereld gaande is. “Ik vind de tijden mateloos verontrustend, en ik vind dat ik dat moet zeggen.”
- Volgde de Reformatorische Bijbelschool, studeerde daarna Theologie in Kampen
- Begonnen als predikant in Zaandam, stond daarna in Rosmalen-Berlicum, Hengelo en sinds ruim 5 jaar in de Westerkerk in Amsterdam
Hoe ervaar je je roeping?
“Mijn roeping is geen momentum, maar een langdurig proces van ernaar toegroeien. Ik heb veel tijd nodig gehad om los te komen van het rationele gereformeerde geloofskader. Via de hermeneutiek van Eugen Drewermann ben ik op een ander spoor gekomen. De Bijbel is daardoor op een totaal nieuwe manier voor me gaan spreken. Ik ben laat theologie gaan studeren en pas op mijn 38e predikant geworden. Ik vind het een groot voorrecht om tijd en mandaat te hebben gekregen om ‘op verhaal te komen’ en taal geboren te laten worden waar mensen hun hart aan op willen halen. Maar momenteel ervaar ik mijn roeping ook als bijzonder zwaar: de verantwoordelijkheid om in deze gistende tijden de juiste woorden te spreken, is groot.”
Wat heb je nodig om met vrucht en vreugde te werken?
“Ik werk met ongelooflijk veel plezier en vreugde in de Westerkerk. Daarvoor is vertrouwen van de gemeente belangrijk, door haar gedragen worden. En innerlijke rust en openheid ‘in de Geest’ om te horen wat gezegd en gedaan moet worden.”
Hoe zorg je ervoor dat je niet opbrandt?
“In de Westerkerk beginnen we elke dag om 9.00 uur met een ochtendgebed. Ik heb de getijdengebeden ontdekt in het klooster, ze zijn er onafhankelijk van je emotionele gesteldheid. Of je zin hebt of niet, het is er gewoon. Het geeft rust en structuur en draagt ook mijn eigen spiritualiteit. De kunst is om te zien en te horen wat vandaag aan me gegeven wordt, en geen zorgen te hebben over morgen en later. Die houding doet me goed.”
Welk onderdeel van je werk doe je het liefst?
“Het voorgaan in de dienst, dat draagt mijzelf ook. Wat ik ook heel graag doe maar waar ik te weinig tijd voor heb: liedteksten maken, dat vind ik heerlijk. Verder ben ik graag in gesprek, in het werken met groepen en in het individuele pastoraat."
Welke scholing heb je voor het laatst gevolgd?
“Ik heb me onttrokken aan de permanente educatie. Maar ik lees veel wat te maken heeft met de relatie kerk en cultuur, de ontwikkeling van de tijdgeest. Elk jaar schrijf ik een theologisch jaaroverzicht waarin ik de tijdgeest probeer te ‘pakken’. Het boeit me en ik heb er wel gevoel voor. Af en toe breng ik een paar dagen in het klooster van de norbertijnen in Heeswijk door. Dan gaat een stapeltje boeken mee. Het zijn altijd scharniermomenten waarin ik nieuwe inzichten en inspiratie opdoe.”
Hoe kan de kerk haar verantwoordelijkheid nemen voor medemens en schepping?
“In het verkondigen dat we naar een soberder levensstijl moeten. Zoals het nu gaat, kan de aarde niet meer aan. Ook moeten we kerk zijn in de buurt. Dat doen we als Westerkerk steeds beter, met onder meer hulp aan de Voedselbank en een kinderkerstfeest voor de buurt. Het wordt erg gewaardeerd. En verder door een profetische analyse van wat gaande is, dat is ook een dienst aan de samenleving. Ik ben de buurman van Anne Frank, van het Homomonument, en van de Raadhuisstraat waar de grote demonstraties door komen. Die drie leggen een extra verantwoordelijkheid op mij om me in heldere bewoordingen uit te spreken over wat er gaande is. Ik vind de tijden mateloos verontrustend, en ik vind dat ik dat moet zeggen. Wel waak ik ervoor dat ik mensen niet elke week met een somber tijdsbeeld de deur uitstuur.”
Welk boek, welke film of podcast raad je collega’s aan?
“Verplichte kost is het boek Een seculiere tijd door Charles Taylor, met een diepgravend filosofisch, theologisch en existentieel begrip van onze tijd. Onovertroffen. Ik vind ook dat elke theoloog kennis moet hebben genomen van de hermeneutiek van Eugen Drewermann. De theologie gaat richting conservatisme, ik maak me daar buitengewoon veel zorgen over. Drewermann zegt dat de theologie is verworden tot ‘ervaringsloos spreken over vreemde ervaringen’. Deze vijf woorden hebben mijn leven veranderd. Theologie gaat altijd over het leven zelf, over de existentie. Als je dat uit het oog verliest, spreek je alleen nog over vreemde ervaringen. Dan wordt het geloof per definitie een historische categorie, iets van het museum.”
Is er een bijbeltekst die met je meegaat?
"Er ploppen voortdurend teksten in me op, met name liedteksten. Meestal flarden ervan, zoals ‘Op bergen en in dalen, en overal is God’. De context, de ‘geest van het moment’ bepaalt kennelijk wat ik in mezelf hoor klinken.”
Wat hoop je voor de toekomst van de kerk?
“Dat er mensen zijn die met trouw en toewijding het verhaal, de liturgie gaande houden, dat wat de kerk tot kerk maakt. Ik hoop ook op meer moed en creativiteit om bondgenoten in de samenleving te omarmen. Door bijvoorbeeld het hele dorp ‘eigenaar’ van de kerk te maken wordt ze als een ‘huis voor de ziel’ waar iedereen terechtkan. Ik vind dat elke kerk hier plannen voor zou moeten maken.”
Bekijk hier een documentaire over Herman Koetsveld en de Westerkerk, een inkijkje in het reilen en zeilen van deze kerk en het dagelijkse werk van de predikant.