1 juli is de dag van Keti Koti, de jaarlijkse herdenking en viering van de afschaffing van de slavernij. We staan stil bij het onrecht dat mensen is aangedaan en bij de gevolgen die vandaag nog voelbaar zijn. In de Sint-Janskathedraal in ’s-Hertogenbosch was afgelopen zaterdag een bijzondere herdenkingsdienst. In dit artikel deelt preses Trijnie Bouw wat deze dienst met haar deed.
In de monumentale Sint-Janskathedraal in ’s-Hertogenbosch proef je het verleden en tegelijk sta je er midden in het heden. Een uitgelezen plek om de herdenkingsdienst slavernijverleden te houden. De Raad van Kerken en de Stichting Heilzame Verwerking Slavernijverleden organiseerden deze dienst samen met kerken in Den Bosch, een stad die zelf ook werk maakt van het onderzoek naar de eigen betrokkenheid bij de slavernij. Thema was ‘Elkaar Ontmoeten als Eenheid in Verscheidenheid’. Indrukwekkend was het verhaal van Muriël Wol-Fernand, nakomeling van tot slaaf gemaakten, en Nick van Lanschot, nakomeling van wie profiteerden van de slavenhandel. Zij hadden elkaar enkele malen ontmoet en vertelden daar samen over in de dienst. Ze vertegenwoordigden daarmee de uiteenlopende stemmen van een gedeeld verleden en gaven zo stem aan het verlangen en de oproep om te werken aan een gedeeld heden.

Herdenken betekent eren, erkennen en leren
Voor mij klonk in de hele dienst de blijvende opdracht en meerwaarde van herdenken. Het gaat wat mij betreft om eren, erkennen en leren. We eren de mensen die geleden en gestreden hebben, we erkennen onrecht en leed dat hun is aangedaan, en we leren voor nu. We trekken lessen uit dat verleden om blijvend samen te werken aan onze roeping als zusters en broeders, allen kinderen van dezelfde God, de Schepper van heel deze aarde. Een Bijbelse boodschap. We lazen daarom Genesis 1 over God die de mens (álle mensen dus) schiep naar zijn evenbeeld. We hoorden Galaten 3 over allen één zijn in Christus Jezus. We zagen het met Openbaring voor ons: een nieuw bestaan, een levensboom, met bladeren met genezende kracht voor alle volkeren.
Waarom blijven herdenken nodig is
Blijvend herdenken om te eren, te erkennen en te leren. En daar moet je nooit te snel mee stoppen. In mijn jeugd nog hoorde ik regelmatig vormen van theologische rechtvaardiging voor de achterstelling en onderdrukking van zwarte mensen, en relativering van het aangedane kwaad. En vraag maar aan zwarte leden in onze overwegend witte gemeenten hoe zij ervaren hoe de geschiedenis van racisme en kolonialisme nog altijd doorwerkt. Daarom is het goed en nodig dat er onderzoek gedaan blijft worden om de verhalen te horen en de patronen te herkennen die ons beïnvloeden, tot op de dag van vandaag.
Verzoening met het verleden
Graag citeer ik daarom hier diaken Bianca Groen Gallant, tot voor kort medelid van ons moderamen en zaterdag ook aanwezig. Zij zegt in een interview: 'Verzoening is voor mij niet verzoenen tussen 'zwart' en 'wit'. Het gaat om verzoening met dit verleden, met dit thema. Als je je ermee verzoend hebt, kun je zeggen: het is ook van mij. Als we daar samen kunnen komen, geeft de kerk daarin een voorbeeld. Dat is altijd mijn droom geweest.”

Een dienst die hoop en inspiratie gaf
De dienst in de Sint-Jan gaf inspiratie voor die droom. Er klonk pijn, er klonk hoop, het was even waardig als vrolijk, even onderscheidend als verbindend. En er was veel ruimte voor gebed; hieronder volgen er een paar. Wellicht inspireren ze om in eigen setting rond 1 juli aandacht aan Keti Koti te besteden, of op een ander moment stil te staan bij het slavernijverleden en de rol van kerk en geloof daarin.


