In zijn gemeente Ameide-Tienhoven wil ds. Leo Molenaar (1969) predikant zijn voor het hele dorp. Met geloof en vertrouwen kijkt hij naar de toekomst van de kerk, overtuigd dat de Geest van God tot de laatste dag blijft werken.
- Sinds 2025 gemeentepredikant in hervormd Ameide-Tienhoven, daarvoor in Bruinisse en Rehoboth Yerseke
- Opleiding MTS bakkerijtechniek, lerarenopleiding bakkerijtechniek en zorg en welzijn. Daarna premaster en master theologie aan Universiteit Utrecht, gevolgd door predikantsmaster aan de PThU
- Voelt zich verwant met de hervormde, protestantse en confessionele stroming binnen de kerk, en aan de Gereformeerde Bond
Hoe ervaar je je roeping?
“Ik wil predikant zijn voor het hele dorp, en van een kerk voor iedereen. Als kind voelde ik al een roeping om predikant te worden, maar ik durfde die lang niet te volgen. Eerst werkte ik 11 jaar in de bakkerij-industrie en daarna in het onderwijs, onder meer als docent godsdienst op een vmbo-school. In die periode studeerde ik theologie. Pas later zag ik hoe alles wat ik in het maatschappelijke leven had geleerd, mij heeft voorbereid op dit werk. Daar zie ik de hand van God in.”
Wat heb je nodig om met vrucht en vreugde te werken?
“Het besef dat ik een instrument mag zijn waardoor God werkt. Ondanks mijn fouten gebeurt er iets bij anderen: woorden troosten, mensen worden geraakt door een preek of komen de kerk binnen. Na 13 jaar heb ik geleerd mijn verwachtingen bij te stellen. Ds. Leo Smelt, mijn begeleider, zei ooit: ‘De zegen zit in de kleine dingen.’ Iemand die tot geloof komt, jonge mensen die belijdenis doen, een gezin dat terugkeert naar de kerk, dát zijn de momenten waarop ik echt kan genieten.”
Hoe zorg je ervoor dat je niet opbrandt?
“Het is essentieel je grenzen te bewaken; 24 uur per dag werken kan niet. Vrijdagavond is voor mij heilig en zaterdagavond gebruik ik om me voor te bereiden op zondag. Wat helpt is het vertrouwen van de gemeente en de kerkenraad. Zij geven mij de ruimte om mijn ambt op mijn manier uit te voeren, zonder me aan een leiband te houden. Een predikant is als een vogel: die moet kunnen vliegen, niet in een kooi zitten. Wederzijds respect en liefde geven ruimte om te werken, te preken en te leiden.”
Welk onderdeel van je werk doe je het liefst?
“Diensten leiden, pastoraat, catechese en kringwerk: ik doe het allemaal graag, net als het kerkenraadswerk. Het mooiste vind ik het leiden van de dienst, maar dat is ook het moeilijkste. Een bijbeltekst kan voelen als een steen op je maag. Je mag erin graven: wat is de boodschap, hoe kan ik ermee leven en hoe breng ik die zo dat hij betekenis krijgt voor de gemeente? Het is uitdagend, maar ook het meest liefdevolle onderdeel van mijn werk.”
Welke (na)scholing heb je voor het laatst gevolgd?
“Twee jaar geleden volgde ik de opleiding Kerk naar Buiten. Belangrijkste les: eerst luisteren. Niet zenden, maar ontdekken wat leeft bij mensen en daar als geloofsgemeenschap op aansluiten. Het diepste inzicht is de Missio Dei: Gods Geest is al aan het werk, ook buiten de kerk. Dat zie ik in mensen die binnenkomen, belijdenis doen, zich laten dopen of opnieuw hun plek vinden. Jongeren verschijnen onverwacht in de kerk. Dat geeft mij vertrouwen: God is ons altijd al voor. Nog voordat wij Hem zochten, zocht Hij ons.”
Zie je in je werk in de kerk dat Gods Geest aan het werk is?
“Dat zie ik altijd terug. Mensen vinden zekerheid, durven tot geloof te komen en mee te doen aan het avondmaal. Sommigen volgen belijdeniscatechese; een jonge vrouw van 22 kwam voor het eerst in de kerk en zei: ‘Had ik dit maar eerder gedaan.’ Onze jeugdvereniging telt 43 leden en komt iedere zondag samen. Ook jongeren die niet kerkelijk zijn opgevoed, vinden daar hun plek.”
Welk boek, welke film of podcast raad je je collega’s aan?
“De Pixarfilm Cars. Met humor laat de film zien hoe ego ons kan leiden: Bliksem McQueen denkt dat hij alles alleen kan en jaagt op roem, vriendschappen opzijzettend. Wanneer hij strandt in een klein dorp, ontdekt hij de waarde van liefde en verbondenheid. Pas door anderen nodig te hebben, komt hij tot zijn bestemming. Vlak voor de finish cijfert hij zichzelf weg zodat een ander kan winnen. Dat raakt mij: we bereiken pas echt ons doel wanneer we Gods liefde ontdekken en leren onszelf weg te cijferen.”
Is er een bijbeltekst die met je meegaat?
“Op onze trouwdag kregen we als tekst mee: Ik zal u onderwijzen, ik zal raad geven. (Psalm 32:8) Dit vers geeft troost en herinnert ons eraan dat God ons ziet en de weg wijst. Ook Psalm 84:3 uit de berijming van 1773 heeft bijzondere betekenis: En stort op hen een milde regen, een regen die hen overdekt, verkwikt, en hun tot zegen strekt. De opa van mijn vrouw kon in de nacht voor onze trouwdag niet slapen; hij voelde zich geroepen door deze woorden en schreef er ons een brief over. Als wij het vers zingen, beseffen we altijd hoe deze woorden in ons leven werkelijkheid werden.”
Wat hoop je voor de toekomst van de kerk?
“Ik ben positief, omdat ik geloof dat de Geest van God doorgaat tot de laatste dag. De kerk zal niet als een nachtkaarsje uitgaan; het is Gods werk. Ik bid en droom dat de Geest rijk zal werken, zodat mensen ontdekken wie Jezus voor hen wil zijn. Dat is mijn hoop: dat verdeeldheid verdwijnt, deuren opengaan en bloei ontstaat, ondanks al onze gebrokenheid.”